Goede besturing is noodzaak, keuze onbeperkt groot

Vliegen met een radiobestuurd vliegtuig is leuk, maar wel met een goede radiobesturing. Met de moderne technieken is vrijwel alles mogelijk in de radiobesturing. Je kunt de geavanceerde zenders zodanig in stellen, dat het vliegtuig bijna als vanzelf vliegt! De mogelijkheden zijn wat dat betreft bijna onbeperkt.

Voor de rc-vliegtuigen worden alleen zenders gebruikt in de frequentie 35 MHz. Deze frequentie is exclusief voor radiobestuurde vliegtuigen, hou daar rekening mee. En zorg ook dat je daar alleen mee vliegt. Immers het kan voorkomen dat iemand met een auto of schip in de buurt van het modelvliegveld actief is en dan uiteraard op dezelfde frequentie als jij. Dan heb je een probleem als je vliegtuig in de lucht rondsnort. Er is een tijd lang 40 MHz voor vliegtuigen gebruikt, maar langzaam maar zeker gaan we weer terug naar de 35 MHz, juist vanwege die veiligheid.
Om te vliegen heb je vrijwel altijd een vierkanaalszender (elk kanaal is er voor één servo) nodig. Sinds enige tijd brengt Hitec de Focus driekanaalszender op de markt, die is voorzien van een knuppel en een schuifregelaar voor het gas geven. Dit is echter een zender exclusief voor de kleine elektrovliegtuigen, die in de zaal of op rustige avonden buiten worden gebruikt.

Variatie

Op een vliegtuigzender heb je twee knuppels naast elkaar. Daarnaast kunnen er op de zender nog wat schuiven en schakelaars zitten. In eerste instantie heb je niet meer nodig dan de twee knuppels.
Je kunt de twee naast elkaar geplaatste knuppels op verschillende manieren gebruiken.
Ten eerste kun je het gas op de linker of rechter knuppel zetten. Dan kun je hoog en laag (het hoogteroer) ook links of rechts zetten. Dan kun je de rolroeren (links/rechts kantelen van de vleugels) en links/rechts met het richtingsroer (de neus van de romp naar links of rechts) op een van beiden zetten. Vreemd genoeg heeft hier iedereen zijn eigen mening over wat het makkelijkste is. Clubs hebben een soort standaard indeling voor de hele club. Dat moet wel, want de instructeur is gewend op een bepaalde manier te vliegen en dan leer jij het ook zo.

Echter de meest logische en zelfs natuurlijke wijze van vliegen is als volgt:

  • op de linkerknuppel van onder naar boven, het gas geven, waarbij onder dicht is en boven helemaal open.

  • op de linkerknuppel van links naar rechts het richtingsroer.

  • op de rechterknuppel van onder naar boven, het hoogte roer, waarbij vooruit de neus omlaag gaat en achteruit de neus omhoog.

  • van links naar rechts op de rechterknuppel, worden de rolroeren bediend.

Ontvangeraccu

Belangrijk is dat de ontvanger een voortdurende stroom krijgt toegevoerd. Daarom is een vliegtuig veelal voorzien van een aparte ontvanger accu. Sommige fabrikanten durven bij een zender nog houdertjes te leveren voor vier AA-batterijen. Dit is uit den boze voor vliegtuigen! Gebruik nooit batterijen in een vliegtuig, want als die eerder leeg zijn dan je denkt, dan ben je je vliegtuig kwijt. Hij luistert niet meer naar de stuurcommando's en of stoort meteen neer. Die batterijen vervangen door oplaadbare accu's!

Dit geldt ook voor de zenders. De eenvoudige zenders van Hitec, Graupner en Futaba worden tot hun schande nog geleverd met houders voor acht AA batterijen. Meteen vervangen door een passend zenderaccu! Valt plots de zender uit omdat de batterijen leeg zijn, dan sta je letterlijk met lege handen. Bovendien zijn batterijen een probleem, omdat soms de aansluiting niet goed is. Vervolgens krijg je te weinig stroom om te zenden. Hierdoor kan een stuursignaal verkeerd doorkomen en doet het vliegtuig iets anders dan jij wilt. Dit kan heel vervelend worden. Dus liever een paar tientjes extra besteden aan een goede zender- en ontvangeraccu, voor de zekerheid.

Vele ervaren vliegers zullen nu steigeren, want dat is volgens hen niet waar. Echter de praktijk heeft uitgewezen dat dit een zeer natuurlijke methode is.
de binnenkant van een moderne zender

Zelfs mensen die nog nooit met een rc-vliegtuig hadden gevlogen en zelf hun zender moesten inrichten, kwamen tot deze oplossing. Wat blijkt, dit is ook de manier waarop een echt vliegtuig wordt bestuurd. De rechterknuppel fungeert dan als de stuurknuppel en de linkerknuppel als voetenstuur (links/rechts) en gashandel!
Er zijn vele variaties mogelijk en je zult ze allemaal tegen komen. Je moet echter voor jezelf uitmaken wat de meest bruikbare is. Echter vliegers die een echt vliegtuig besturen, werken ook met deze instelling en helivliegen gaat ook al op deze manier, dus enige logica schijnt er wel in te zitten. Je kunt zenders in verschillende uitvoering kopen, dat noemen ze ´de mode´. Informeer even in welke ´mode´ de zender is, bijvoorbeeld met links of rechts gas.

Comfort

Ga eens kijken bij een club of vraag eens advies aan andere modelbouwers die je wel eens ziet bij de vakhandel. Vraag eens naar hun ervaringen. Het is ook een kwestie van hoe ligt zo´n zender in de hand. Probeer dat eens uit in de winkel. Je moet gewoonweg even wat zenders ´passen´. Denk erom dat je een zender moet voelen met alle accu´s er in. Dan heb je immers de uitvoering waarmee je straks gaat werken. De knuppelzenders van de afgelopen tijd laten een verbetering zien op vormgeving, die het comfort aanzienlijk beter maakt. Het zijn niet langer van die vierkante bakken en zien er wat moderner uit.
Vooral de nieuwe zenders van Multiplex liggen zeer plezierig in de hand. Licht en comfortabel zijn ze. De Hitec Focus heeft ook een andere vormgeving gekregen en het is de verwachting dat in de toekomst alle zenders er stukken handzamer uitzullen zien. Bij Graupner zijn de zenders al gaandeweg kleiner aan het worden, terwijl ze steeds meer kunnen.

Groot en klein

De beginnerset voor radiobesturing bestaat meestal uit de zender, twee servo´s, de ontvanger met kristal, aan/uitschakelaar en ontvangeraccu. Deze beginnersets zijn meestal te koop voor een prijs van rond de fl. 350,- / Bfr 7000 tot fl. 500,- / Bfr 9500.
Ze worden ook nog wel eens goedkoper aangeboden, maar kijk dan wel of alles wel aanwezig is. Er worden nog wel eens grapjes uitgehaald, door bijvoorbeeld één servo minder er in te stoppen, of de kristal weg te laten. Als je die dan weer bij moet kopen, ben je toch weer net zo veel kwijt!
verschillende servosoorten en -maten
 

 

 

 

 

De keuze van de zender is dus een puur persoonlijke. Wat de servo´s betreft, kun je bij de meeste beginners vliegtuigen voldoen met standaardservo´s. Deze zijn krachtig en snel genoeg voor de meeste gangbare vliegtuigen. Er is een voortdurende ontwikkeling gaande wat betreft servo´s. Je hebt ze tegenwoordig heel klein (1,5 gram zwaar of - liever - licht) maar ook ter grootte van een standaardservo met een grote kracht, zo´n 9,5 kilo trekkracht. Had je vroeger jumboservo´s, nu kan een kleine servo al gauw tien kilo trekkracht geven. Je kunt ook standaard servo´s kopen met metalen tandwielen en kogellagers, die zorgen er voor dat je meer plezier van hebt en ze lang niet zo snel kapot gaan.

Wat is PCM?

Veel hoor je de kreet PCM (Puls Code Modulatie) bij zenders, maar wat is dat nu? PCM is in feite een beveiligingssysteem. Eerst zendt de zender een codesignaal uit en daarna het stuursignaal. Als de ontvanger de juiste code ontvangt zal het stuursignaal ook worden verwerkt. Echter als de code niet klopt (een andere zender of een storing) pikt de ontvanger het stuursignaal niet op.
Voordeel is dat je geen last hebt van korte storingen en dat als het misgaat, het vliegtuig toch veilig kan vliegen. Nadelen zijn de iets langere reactietijd (die je amper merkt), geen indicatie van wat er nu is misgegaan en PCM ontvangers zijn aanmerkelijk duurder.

verschillende servosoorten en -maten
Als de storing eenmalig is, is er niets aan de hand, dan neemt de ontvanger het volgende signaal. Blijft de storing aanwezig dan houdt de ontvanger het laatste signaal vast. Krijgt de ontvanger langere tijd geen goed signaal, dan treedt de zogenaamde ´fail-safe´ in werking. Deze zorgt dat de vliegtuig een vóórgeprogrammeerde actie gaat uitvoeren. Dat kan zijn gas dicht en rondjes draaien, en zo dus dalen. Op deze manier voorkom je dat het toestel schade aanricht aan de omgeving. Of en hoe het model er uitkomt is afwachten.

Uitbreiden

Voor modelvliegers is de aanschaf van de eerste zender een belangrijke investering. Je kunt kiezen voor de veilige en kostbare manier. Je koopt de eenvoudigste zender die er is, je hebt dan amper vier of vijf stuurfuncties, die je niet kunt uitbreiden! Wil je wat later wat meer uithalen met je vliegtuigen, zoals landingskleppen, intrekbaar landingsgestel of wat dan ook, dan moet je een andere zender kopen. Je koopt dus twee keer terwijl je één uitgave had kunnen doen. Dat hangt echter ook af van de omstandigheden in het begin. Als je niet zeker weet wat je gaat doen, kun je kiezen voor een eenvoudige zender.
Echter dit kan ook een voordeel zijn. Want de ontwikkelingen gaan zo snel wat technologie betreft dat je over een paar maanden, voor bij wijze van spreken vrijwel hetzelfde geld de meest geavanceerde zender koopt!
Je kunt in het begin ook wat meer investeren en een wat duurdere zender kopen. Nu heb je al de Robbe FX-18 en Graupner MC-12. Beide relatief goedkope zenders, die forse geheugens hebben voor meerder toestellen en waar je veel mee kunt doen. Beide zenders zijn tevens geschikt om helikopters mee te vliegen. Je bent dus wat meer geld kwijt, maar je kunt er feitelijk heel lang mee vooruit.

Een belangrijk element in de zenderketen is de ontvanger. Dit apparaatje krijgt de signalen van de zender door en geeft die door aan de betreffende servo. Op deze manier gaat het toestel links als jij dat wilt. De kristallen in de zender en ontvanger zorgen ervoor, dat de frequentie nauwkeurig is bepaald voor het zenden. Je hebt een aparte kristal voor de zender en ontvanger en die zijn niet uitwisselbaar. Als laatste heb je dan nog de aan/uitschakelaar in een zenderset zitten, deze komt tussen de accu´s in de auto en ontvanger te zitten. Let goed op dat je de accuvoeding op de juiste manier aansluit op de ontvanger. Veelal staat dat aangegeven in de handleiding van de zender. Gelukkig zijn tegenwoordig vele zenders voorzien van een schakeling die voorkomt dat er kortsluiting kan ontstaan door het verkeerd aansluiten van de laadkabel.

Programmeren

De Graupner MC12

Om helikopters te kunnen vliegen heb je een zender nodig met minimaal vijf liefst zes kanalen! De beginnerzenders de Multiplex Cockpit en Graupner MC 12 zijn de enigen die dat aankunnen. Op een helikopter heb je die extra kanalen nodig omdat je sowieso een extra as moet besturen, maar ook voor het gebruik van de gyro en het mixen van verschillende functies. Een zender moet daarvoor programmeerbaar zijn. Bovendien maak je op een zender voor een helikopter altijd gebruik van de programmering.
Uiteindelijk blijft de keuze aan jezelf. Want jij zult er mee moeten vliegen, niet de handelaar of iemand anders. Ga op je eigen gevoel af en win zoveel mogelijk informatie in.